werkvierentwintig & werkgeluk…

de laatste tijd lijken we met z’n allen in de ban van geluk en met name werkgeluk. het lijkt ook wel alsof werk zaligmakend is in onze maatschappij. werk jezelf gelukkig. bij werkvierentwintig geloven we dat arbeid (iets doen voor een ander en aan iets bijdragen dat groter is dan jezelf) zeker een bijdrage kan leveren aan een fijn leven, waarin geluk en ongeluk beide aanwezig zijn. met o.a. automatisering en het aanpakken van onnodige bureaucratie zal werk in de huidige vorm minder dominant zijn. we zullen veel meer gratis werk doen, niet schrikken, dat is vrijwilligers werk, onbetaald maar niet onbelangrijk of niet waardevol, namelijk zorgen voor je kinderen, je ouders en door deel name in je omgeving in welke vorm dan ook.

we lossen de problemen niet op door een chief happiness officier en of een werkgelukdeskundige in te huren of door veel geld uit te geven om geluk te meten, want meten is weten en cijfers zijn objectief…nee, we creëer daarmee wellicht nieuw (zinvol?) werk binnen de hr, die dat vervolgens als een controller monitort hoe het met de geluksbalans van de organisatie staat. we besteden dan dus geld aan nog een systeem terwijl we het een onderdeel  van de organisatie en de mensen die er werken kunnen laten zijn. oftewel, het zou niet nodig moeten zijn.

dat er meer oog voor het welzijn van mensen is, is uiteraard een goede ontwikkeling. het is allemaal uitermate goed bedoeld, maar lossen we daarmee dan wel het werkelijke probleem op? en creëren we daarmee dan niet gewoon een nieuw probleem. dat ondanks de goede bedoelingen averechts werkt? de obsessie van geluk en de maakbaarheid daarvan? en een nog hogere prestatiedruk omdat de omstandigheden allemaal zijn aangepakt en je dus geen reden hebt om ‘ongelukkig’ (en daarmee) niet productief te zijn. gelukkige mensen zijn immers productiever.

bij werkvierentwintig staat daarom intrinsieke motivatie aan de basis, dat is de ongefilterde term waar mensen bij werkgeluk vaak deels op doelen, al is het maar de vraag of geluk maakbaar is. intrinsieke motivatie is niet maakbaar, we kunnen er alleen voor zorgen dat de juiste voorwaarden ontstaan waarin intrinsieke motivatie gedijt.

werkvierentwintig neemt als uitgangspunt o.a. de zelf- determinatie theorie (deci & ryan). deze theorie geeft aan dat als er voldoende betrokkenheid, autonomie en vaardigheden zijn mensen intrinsiek gemotiveerd zullen blijven.

het probleemoplossend vermogen/creativiteit gedijt immers het best in momenten van ontspanning. je brein komt dan in het default network modus. dus wanneer jij met de hond aan het wandelen bent schiet er opeens een mogelijke oplossing voor die klant te binnen, het zijn de kleine eureka momentjes (ook ontstaan in een warm bad)

“in de uitroep Eureka is sprake van een Perfectum Resultativum; dat wil zeggen dat de nadruk ligt op het resultaat van de activiteit, en niet zozeer op de activiteit die tot het resultaat leidde. In dit geval is het resultaat de vondst”
bron: wikipedia

we zouden, zo vindt werkvierentwintig, hier veel meer oog voor kunnen hebben. werk vindt immers niet altijd plaats op ‘het werk’. dat is één van de redenen waarom wij minder in uren denken, en jazeker de naam werkvierentwintig zal dat niet doen vermoeden;)

bekijk onderstaande filmpje van daniel pink, the suprising truth about what motivates us.